Een boek om in één ruk uit te lezen
Foto: Terry ‘ONeill
Ik heb een zwak voor rock biografieën en heb er nogal wat gelezen. In mijn top vijf (samen met onder anderen The Dirt van Mötley Crüe en I’m with the band van Pamela Des Barres) staat sinds kort sowieso Me, de autobiografie van Elton John.
In Me vertelt Reginald Dwight, zoals John echt heet, over zijn leven en muziek. Van zijn diep ongelukkige jeugd, verwarring over zijn seksuele identiteit en latere uitspattingen met drugs en alcohol, tot de AIDS epidemie, zijn veelbesproken huwelijk met een vrouw, zijn vriendschappen met John Lennon en Lady Di en zijn vaderschap op latere leeftijd.
“And yet it was true: the responsibility was huge, but there is nothing about being a father that I don’t love. I even found the toddler tantrums weirdly charming. You think you’re being difficult, my little sausage? Have I ever told you about the time I drank eight vodka martinis, took all my clothes off in front of a film crew and then broke my manager’s nose?”
Wat Me vooral zo leuk maakt is dat John genadeloos eerlijk is en dan vooral over zijn eigen tekortkomingen. Zonder blikken of blozen vertelt hij over zijn mateloosheid, zijn driftbuien, zijn diepgewortelde onzekerheden en zijn diverse verslavingen.
“If you fancy living in a despondent world of unending, delusional bullshit, I really can’t recommend cocaine highly enough.”
Tussen de bedrijven door groeit John van een onzeker, iel jongetje uit tot één van de meest legendarische muzikanten aller tijden. Tel daarbij op dat Me barst van de smeuïge roddels en anekdotes over elke ster die je maar kan bedenken (zoals die keer dat John per ongeluk aan de ontbijttafel zit met zijn keurige schoonouders… en Michael Jackson) en je hebt een boek om in één ruk uit te lezen.