Wat als zwanger worden niet vanzelf gaat?

© Romy Paul

Art director Romy Paul (39) en haar partner Eelco wilden graag kinderen. Maar het kwam er steeds niet van. Toen duidelijk werd dat op ‘natuurlijke’ wijze zwanger worden niet ging lukken, besloten ze een vruchtbaarheidstraject in te gaan. Nu verwachten ze in februari hun eerste kind. Ik praat met Romy over haar ervaringen met vruchtbaarheidsbehandelingen, het ‘chop hok’ en een romantisch benzinestation. “Wat ik zelf miste gedurende dit traject was een positief verhaal. Het gaat namelijk ook heel vaak wél goed.”

Kop in het zand

Romy: “Vier jaar geleden spraken mijn partner Eelco en ik voor het eerst onze kinderwens aan elkaar uit. Maar verder waren we er niet heel actief mee bezig, we stopten gewoon met voorbehoedsmiddelen gebruiken. Destijds waren we allebei heel druk met ons werk, dus het hele idee van kinderen verschoof bijna onopgemerkt naar de achtergrond. Maar toen er na twee jaar nog niets was gebeurd begon ik me wel een beetje zorgen te maken. Dan gingen we een poosje wel bewuster proberen zwanger te worden, door bijvoorbeeld de seks te timen volgens mijn ovulatie, maar daarna stak ik weer m’n kop in het zand en stortte me op m’n werk. Het was iets wat op de achtergrond speelde, maar waar we niet echt over praatten.”

Kwaad op mezelf

“Zo sukkelden we een tijdje door, totdat we toch maar besloten om onze vruchtbaarheid te laten onderzoeken in het ziekenhuis. Daar kwam toen, bij ons beiden, niets uit. Weer liet ik er flink wat tijd overheen gaan. Ondertussen zat ik op m’n werk tegen een burn-out aan. Op een gegeven moment werd ik echt kwaad op mezelf dat ik niet meer actie had ondernomen. Wat vond ik nu eigenlijk belangrijker, mijn werk of mijn kinderwens? Niet lang daarna heb ik ontslag genomen.”

Vervroegde overgang

“Toen het in Nederland maar niet wilde vlotten kregen we een tip om het bij UZ Gent te proberen, een academisch ziekenhuis in Vlaanderen wat gespecialiseerd is in reproductieve geneeskunde. Al snel startten we daar een uitgebreid onderzoek van mijn hormoonwaarden en mijn voorraad eitjes. Daar bleek dat deze laatste dermate laag was dat ik in de vervroegde overgang zou komen, iets wat de artsen hier in Nederland hadden gemist. Op een wat meer vruchtbare leeftijd (ik ben 39) heb je bij wijze van spreken tien vruchtbare eitjes en bij mij was het er één. Wat de kans veel kleiner maakt om op natuurlijke wijze zwanger te worden.”

© Romy Paul

Het ‘chop hok’

“De arts in Gent was heel to the point, en drukte me op het hart dat we haast moesten maken vanwege mijn leeftijd. Toen zijn we een IUI traject in gegaan (Intra-Uteriene Inseminatie, red.), een methode waarbij met een dun slangetje zaadcellen in de baarmoeder van de vrouw wordt gebracht. Daarvoor selecteren ze eerst de best ‘presterende’ zaadcellen van de man. Dat hebben we in totaal zes keer gedaan, waarvoor we dus ook steeds heen en terug moesten naar Gent vanuit Amsterdam. Voor die behandeling checkten ze van tevoren mijn bloedwaarden en de grootte van mijn follicle, oftewel eitje, want als die te groot is ben je te laat. Het luisterde allemaal heel nauw. Vervolgens trok Eelco zich terug in een kamertje - het ‘chop hok’ noemden we dat. Niet meer dan 24 uur na de eisprong werd ik geïnsemineerd. Omdat het allemaal zo precies moet gaf dat wel wat spanning. Binnen één cyclus moesten we zo’n vijf keer in Gent zijn. Al had het ook wel iets grappigs; tussen de onderzoeken door gingen we meestal in de parkeergarage films kijken op de iPad.”

© Romy Paul

Eenzaam proces

“Zo’n vruchtbaarheidstraject is best een eenzaam proces. Het speelt zich toch voornamelijk af in het lichaam van de vrouw. Je houdt elk piepklein signaaltje in de gaten, ieder teken in je lichaam: ben ik zwanger of moet ik ongesteld worden? Je kunt er niet niet mee bezig zijn. Voor mannen is het natuurlijk op een andere manier zwaar maar soms dacht ik, dit is echt oneerlijk. Ik moet goed eten, en jij mag gewoon een sixpack wegklappen. Maar daar hebben we geen ruzie over gehad. Dat kwam denk ik doordat we steeds op en neer moesten naar Gent. Ook al was het een rot eind, daardoor deden we het wel heel erg met z’n tweeën. We stopten bijvoorbeeld altijd op de A27 bij het tankstation met de lekkerste broodjes en koffie. We probeerden er echt wat van te maken.”

© Romy Paul

Herpakken en doorpakken

“Uiteindelijk kreeg ik de maximale dosering hormonen en moest ik twee keer per dag worden ingespoten: één keer om de eisprong op te wekken en de tweede keer om te zorgen dat het eitje niet te snel zou rijpen. Eelco deed altijd de prik en op het laatst waren we een geoliede machine. De hormonen deden me niet zoveel eigenlijk, dat is me 100% meegevallen. We hebben in totaal zes onsuccesvolle IUI-pogingen gedaan, daarmee wordt met een dun slangetje zaadcellen in de baarmoeder gebracht. Als ik dan toch weer ongesteld was geworden en het dus niet was gelukt, was ik één dag echt down. Ik liet het even toe dat de moed me in de schoenen zakte maar herpakte me snel en sprak mezelf moed in. Om door te kunnen pakken moest ik niet teveel emoties toelaten. Eelco is gelukkig heel nuchter, die had er altijd vertrouwen in dat het goed zou komen. Daardoor zakten we niet weg in het negatieve.”

© Romy Paul

In één keer gelukt

“Uiteindelijk ben ik dankzij een voortplantingstechniek genaamd ICSI zwanger geworden, daarbij wordt in elke eicel één zaadcel naar binnen gebracht. Maar omdat ik niet zoveel levensvatbare eitjes had was dat nog best spannend. Je hoopt dat er meerdere zijn zodat je nog reserve-eitjes hebt voor als het niet lukt. Wij hadden er maar één. Sowieso had ik me niet ingesteld op al die hobbels onderweg. Ik dacht alleen dat het erom zou spannen of ik zwanger werd of niet, maar er zijn allerlei ‘erop of eronder’ momenten tussendoor: zijn er genoeg eitjes, is de bevruchting gelukt, zijn de celdelingen ontwikkeld… Maar gelukkig lukte het in één keer.”

Feest bij het tankstation

''Toen bleek dat de bevruchting gelukt was moesten we nog wel vaak terugkomen voor controles, want er kan in die eerste weken nog van alles misgaan. We durfden toen ook nog niet echt blij te zijn. Op de terugweg naar Amsterdam - we stonden, hoe toevallig, wederom bij een tankstation - belden ze dat alles goed was met het kindje. Het duurde wel even voordat het besef tot ons doordrong dat ik écht zwanger was. Ik betrap me er nu nog steeds op dat ik soms op het toilet het wc-papiertje check of ik ongesteld ben geworden, puur uit gewoonte. Maar inmiddels zijn we er helemaal gerust op.”

Goedbedoelde adviezen

“Mensen komen, als je niet vanzelf zwanger raakt, met allemaal van die goedbedoelde adviezen. Zo van, 'als je het nou eenmaal loslaat, dan komt het wel.’ Maar hoe laat je los? Dat lukt niet. Je kunt jezelf onmogelijk dwingen om te ontspannen. Ik heb, voordat we het vruchtbaarheidstraject ingingen, wel allerlei dingen geprobeerd om zwanger te raken: accupunctuur, heel erg op mijn voeding letten. Ik was helemaal gestopt met suikers, koffie en chips. Probeerde niet te veel te bewegen, maar ook weer niet te weinig. Ik wilde voor mezelf vooral het gevoel hebben dat ik er alles aan had gedaan.”

© Romy Paul

Positief verhaal

“Wat ik zelf heel erg miste gedurende dit traject was een positief verhaal over vruchtbaarheidsbehandelingen. Het gaat namelijk ook heel vaak wél goed. Als er al iets op een blog of in een magazine stond was dat meestal niet zo opbeurend. Ook op internetfora deelt men meestal negatieve ervaringen. Wat ik ook heel goed begrijp, want het is heel fijn om je ei kwijt te kunnen aan mensen die weten wat je doormaakt. Ik heb ook makkelijk praten, want bij ons is het gelukt. Als ons vruchtbaarheidstraject anders was afgelopen had ik er denk ik niet zo bij gezeten en er niet zo luchtig over gepraat. Maar ook dan hadden we er iets van gemaakt met z’n tweeën, dan waren we naar New York geëmigreerd of zoiets.”

Kleine bergjes

“Wat ik zelf meer had willen weten over een vruchtbaarheidstraject, is dat er steeds kleine bergjes zijn die je moet overwinnen: of je bloedwaarden goed zijn, de follicles in je eierstokken groot genoeg… het gaat er niet alleen om: ben ik zwanger of niet, tussendoor zijn er nog allemaal hordes te nemen. Je moet je echt overgeven aan zo’n arts en dat is voor een control freak als ik best moeilijk. Ik zou niet echt advies durven geven aan mensen die een vruchtbaarheidstraject overwegen, dat krijgen ze al zoveel. Behalve misschien dat je moet proberen niet te verdrinken in negatieve gedachten. De kans is namelijk zoveel malen groter dat het wél lukt. Er zijn zoveel slimme mensen op de wereld, het is echt niet normaal wat er allemaal mogelijk is. Ik denk niet dat het erin zit dat we hierna nog een kind krijgen maar dat is oké. Ik voel me gezegend dat het nu gelukt is. Dit wordt straks gewoon een heel verwend, enigst kind.’

© Romy Paul

Vorige
Vorige

Een motto voor elke gelegenheid

Volgende
Volgende

Ouder Zijn: Shinta Lempers